Het Voedingscentrum heeft in april 2026 de Schijf van Vijf vernieuwd. De basis blijft hetzelfde, maar de adviezen zijn aangescherpt op basis van de nieuwste wetenschappelijke inzichten. Daarbij is niet alleen gekeken naar gezondheid, maar óók naar duurzaamheid en voedselveiligheid.

De Schijf van Vijf laat zien hoe je met gewone producten een voedzaam eetpatroon kunt samenstellen. Geen streng dieet, maar een hulpmiddel dat ruimte laat voor persoonlijke keuzes.

Waarom een nieuwe Schijf van Vijf?

Sinds de vorige versie (2016) is er veel nieuwe kennis beschikbaar gekomen over voeding, gezondheid, milieu en voedselveiligheid. Het Voedingscentrum heeft samen met het RIVM uitgebreide berekeningen gemaakt om te kijken welk eetpatroon:

  • voldoende voedingsstoffen levert,
  • het risico op chronische ziekten verlaagt,
  • rekening houdt met milieu‑impact,
  • en binnen veilige grenzen blijft voor stoffen zoals PFAS en zware metalen.

Op basis daarvan zijn vooral de hoeveelheden binnen de vakken aangepast, niet de indeling zelf.

Wat blijft hetzelfde?

De Schijf van Vijf bestaat nog steeds uit vijf vakken:

  1. Groente en fruit
  2. Brood, graanproducten en aardappelen
  3. Zuivel, noten, peulvruchten, vis, vlees en ei
  4. Smeer- en bereidingsvetten
  5. Dranken

De kern blijft: veel groente en fruit, volkorenproducten als basis, voldoende vocht en niet te veel zout, verzadigd vet en suiker.

Wat is er wél veranderd?

1. Minder vlees, meer plantaardig
De grootste verandering zit in het vak met eiwitbronnen. Het advies voor vlees is aangescherpt:

  • maximaal 300 gram vlees per week
  • waarvan maximaal 100 gram rood vlees (zoals rund- of varkensvlees).

Tegelijk krijgen peulvruchten (zoals linzen, bonen en kikkererwten) een grotere rol:

  • van 120–180 gram per week
  • naar 250 gram per week.

Dit past bij een eetpatroon dat zowel voor je lichaam als voor het milieu gunstiger is.

2. Minder kaas
Ook het advies voor kaas is aangepast:

  • van 40 gram per dag
  • naar 20 gram per dag.

Dit betekent niet dat kaas “niet mag”, maar dat het helpt om te minderen en te variëren met andere eiwit- en calciumbronnen.

3. Meer aandacht voor plantaardige alternatieven
Verrijkte plantaardige alternatieven voor zuivel (zoals sojayoghurt of plantaardige drink met calcium en vitamine B12) hebben een duidelijkere plek gekregen in de Schijf van Vijf. Afwisselen tussen zuivel en goede alternatieven wordt expliciet meegenomen.

4. Duurzaamheid en voedselveiligheid tellen zwaarder mee
Nieuw is dat duurzaamheid en voedselveiligheid vanaf het begin zijn meegenomen in de berekeningen, en niet pas achteraf. Denk aan:

  • broeikasgasuitstoot,
  • watergebruik,
  • blootstelling aan stoffen zoals PFAS.

Zo sluit de Schijf van Vijf beter aan bij eten dat niet alleen goed is voor jezelf, maar ook voor de wereld om ons heen.

De Schijf van Vijf blijft een hulpmiddel
Het Voedingscentrum benadrukt dat de Schijf van Vijf geen alles-of-niets-verhaal is. Het gaat niet om perfect eten, maar om richting geven. Kleine verschuivingen – zoals vaker peulvruchten eten of iets minder vlees – maken op de lange termijn al verschil.

Iedereen eet anders, en daar is in de vernieuwde Schijf van Vijf ook meer ruimte voor. Er zijn adviezen voor verschillende eetvoorkeuren, zoals met of zonder vlees, met of zonder vis, of volledig plantaardig.

Tot slot
De vernieuwde Schijf van Vijf is geen streng plan, maar een praktisch kompas. Het helpt om stap voor stap te bouwen aan een eetpatroon dat voedzaam, haalbaar en toekomstbestendig is.

Bron: Voedingscentrum - Onderbouwing Schijf van Vijf (april 2026).